Wanneer stapt Utrecht uit het fossiele paradigma?

Rekentruc
In Utrecht wordt het product warmte via de stadsverwarming gebruikt om huizen te verwarmen. Het verhaal gaat dat dit een zuinig systeem is. Dat lijkt echter zo doordat de warmte waarmee de stadsverwarming wordt gevoed in de berekeningen niet mee doet. Warmte zou namelijk slechts een afvalproduct zijn dat vrij komt bij de productie van elektriciteit. Een product dan anders toch weggegooid zou worden. Maar stel je voor dat we ook vlees zouden beschouwen als een afvalproduct dat vrij komt bij de productie van melk. Dan zou ook vlees geen CO2-uitstoot kennen en zou het eten van vlees eten moeten worden aangemoedigd om daarmee het klimaat te redden. Bij stadsverarming doen we dat echter gewoon. Doordat de energie van de warmte die vrij komt bij het maken van elektriciteit niet wordt meegerekend, kan de efficiency van de stadsverwarming oplopen tot ver boven de 100 %. Een rekentruc, geheel in overstemming met de huidige wetgeving. In werkelijkheid kan het rendement van opwekking nooit hoger zijn dan 100 %.

Paradigma

Naarmate elektriciteit meer en meer zal worden opgewerkt met zon en wind zal de productie van elektriciteit steeds minder samengaan met de productie van warmte. Het huidige fossiel paradigma van stroom = warmte zal daardoor op de achtergrond raken. Het besef moet doordringen dat voor iedere MJ aan warmte er een equivalent aan aardgas en steenkool worden verbrand. Utrecht bevind zich nog in het fossiel paradigma en beschouwd warmte als afval en is er daardoor van overtuigd dat stadsverwarming een duurzame keuze is. Het College van B & W heeft er goed aan gedaan het rendement van de stadsverwarming voorlopig vast te stellen op 110 procent. Dit is het wettelijk minimum. Het college geeft daarmee uitdrukking aan hun terechte wantrouwen en irritatie richting Eneco, die het feitelijk rendement vele jaren onder de pet heeft gehouden. Toch komt ook die 110 % nog niet in de buurt van het werkelijke rendement van de stadsverwarming. Stap je namelijk uit het fossiel paradigma, en ga ja er vanuit dat ook de warmte gewoon is opgewekt met fossiele brandstoffen, dan is het rendement van de stadsverwarming slechts 37 procent.

Dat is een factor 2,9 slechter dan verwarming met een HR-ketel en een factor 4,9 slechter dan verwarming met een warmtepomp (uitgaande van grijze stroom). De 37 procent is de combinatie van het totale rendement van de centrale (stoom + warmte) van 57 procent, en de het rendement van de distributie (vóór en achter de meter) van 64 procent. Dit is berekend op basis van de input en output gegevens van alle centrales het hulpketels van Eneco in Utrecht en Nieuwegein over 2015. De exacte berekeningen volgen nog.

Met ieder rendement van stadsverwarming boven de 100% bevind je je binnen het fossiel paradigma. Als Utrecht in 2030 CO2-neutraal wil zijn is het belangrijk om uit dat paradigma te stappen. Alleen dan krijgen werkelijk duurzame opties als isolatie en warmtepompen een kans. Een eerste stap is het rendement van de stadsverwarming op 37 % te stellen. Als dat wettelijk nog niet mogelijk is kan Utrecht beginnen met het subsidiëren van de afsluitkosten en het zo snel mogelijk opheffen van de aansluitplicht voor alle nieuwe én bestaande aansluitingen.

Comments

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *